Warmoesstraat 130 et 132 (foto 1993-1995).
Warmoesstraat 130, 132
Twee panden in spiegelbeeldschema met Vlaamse renaissance-elementen n.o.v. arch. Ch. DECHAMPS.
Boven het centrale vensterLicht- en/of luchtopening in een muur. van de tweede bouwlaag cartoucheOmlijsting van een uitspringend vlak in de vorm van ingesneden en omkrullend papier of leer; vaak met opschrift of intern versierd. met het bouwjaar "1896". Telkens drie bouwlagen + souterrainHoge kelder of half verzonken verdieping. en drie traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...) waarvan de hoger oplopende middentravee eindigt op een trapgevelGevel met een driehoekige bekroning die trapsgewijs versmalt. met overhoeks topstuk. Lijstgevel in rode baksteen afgewisseld met speklagen in natuursteen. Decoratieve elementen in natuursteen en blauwe hardsteen. Arduinen gebosseerde sokkelHoge plint van een gevel; fungeert als voetstuk in ordonnantie van de gevel. waarin korfboogvormige (Nr. 130) of rechthoekige souterrainvensters. Vleugeldeur waarboven rechthoekig vensterLicht- en/of luchtopening in een muur.. Rechthoekige muuropeningen met arduinen lateiBalkvormig element van hout, steen, beton of metaal dat een muuropening overspant en bovenliggend metselwerk steunt., onder steekbogige ontlastingsbogenBoog boven een venster- of deuropening die druk van het muurwerk op de stijlen afwentelt en zo het linteel ontlast. in de derde bouwlaag, op de eerste verdieping onder arduinen entablementenHoofdgestel of onderdeel ervan (vb. kroonlijst) als bekroning van muuropening; entablement vaak op consoles. en timpaanMonumentaal driehoekig of segmentvormig boogveld, meestal besloten in een fronton; vaak rijkelijk versierd. en met wapen-schilden en volutenSpiraalvormig ornament; meestal gebruikt als aanzetstuk van topgevels, bij deur- en vensteromlijstingen of als steunbeer. in reliëf. Centrale balkons op beide verdiepingen.
Boven het centrale vensterLicht- en/of luchtopening in een muur. van de tweede bouwlaag cartoucheOmlijsting van een uitspringend vlak in de vorm van ingesneden en omkrullend papier of leer; vaak met opschrift of intern versierd. met het bouwjaar "1896". Telkens drie bouwlagen + souterrainHoge kelder of half verzonken verdieping. en drie traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...) waarvan de hoger oplopende middentravee eindigt op een trapgevelGevel met een driehoekige bekroning die trapsgewijs versmalt. met overhoeks topstuk. Lijstgevel in rode baksteen afgewisseld met speklagen in natuursteen. Decoratieve elementen in natuursteen en blauwe hardsteen. Arduinen gebosseerde sokkelHoge plint van een gevel; fungeert als voetstuk in ordonnantie van de gevel. waarin korfboogvormige (Nr. 130) of rechthoekige souterrainvensters. Vleugeldeur waarboven rechthoekig vensterLicht- en/of luchtopening in een muur.. Rechthoekige muuropeningen met arduinen lateiBalkvormig element van hout, steen, beton of metaal dat een muuropening overspant en bovenliggend metselwerk steunt., onder steekbogige ontlastingsbogenBoog boven een venster- of deuropening die druk van het muurwerk op de stijlen afwentelt en zo het linteel ontlast. in de derde bouwlaag, op de eerste verdieping onder arduinen entablementenHoofdgestel of onderdeel ervan (vb. kroonlijst) als bekroning van muuropening; entablement vaak op consoles. en timpaanMonumentaal driehoekig of segmentvormig boogveld, meestal besloten in een fronton; vaak rijkelijk versierd. en met wapen-schilden en volutenSpiraalvormig ornament; meestal gebruikt als aanzetstuk van topgevels, bij deur- en vensteromlijstingen of als steunbeer. in reliëf. Centrale balkons op beide verdiepingen.
Archieven
GASJ/DS/OW 5045-5046 (1896).
Afkortingen | Onderzoek en redactie : 1993-1995.

