Zwitserlandstraat 23, 21, 19 en 17 (foto 2004).
Zwitserlandstraat 17, 19, 21, 23
Mooi ensemble van vier identieke huizen in neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. stijl en symmetrische compositieTypische gevelopstand bestaande uit drie gelijke traveeën; in Brussel komt dit geveltype vaak voor met drie bouwlagen volgens verkleinende ordonnantie; de centrale travee wordt in vele gevallen rijker uitgewerkt en benadrukt door haar licht te laten uitspringen en/of door één of meerdere balkons; het grondplan bestaat over het algemeen uit een aaneenschakeling van kamers. volgens spiegelbeeldschema van 1875 (nr. 17, 19, 23) en van 1879 (nr. 21), n.o.v. arch. Émile Dansaert (volgens De Keyser, G., 1996).
Benedenverdieping met schijnvoegenImitatievoeg in metsel - of pleisterwerk, aangebracht om regelmatige verdeling te bewerkstelligen of bijvoorbeeld natuurstenen parement (simili) te suggereren.. VenstersLicht- en/of luchtopening in een muur. onder entablementHoofdgestel of onderdeel ervan (vb. kroonlijst) als bekroning van muuropening; entablement vaak op consoles. in tweede bouwlaag; centraal vensterLicht- en/of luchtopening in een muur. met friesHorizontale band om een muurvlak in te delen of aan de bovenzijde te begrenzen; al dan niet beschilderd of versierd (terracotta, sgrafitto, cementtegels…). versierd met pilastersPlatte, weinig uitspringende muurpijler, vaak met basis en kapiteel. en gebogen frontonDriehoekige of segmentvormige bekroning van een gevel of muuropening. met bewerkt boogveldEen vlak omsloten door de binnenbegrenzing van een boog en de horizontale lijn die de aanzetten verbindt; meestal boven muuropeningen en soms versierd (beeldhouwwerk, blinde traceringen, cementtegels, …).. Centraal balkon met wangenStenen zijkanten van schouwmantel, balkonborstwering, of andere. en balustradeHekwerk van spijlen of balusters.; op nr.. 21 vervangen door ijzeren borstwering1. Verhoogd gedeelte van een vestingsmuur waarachter men veilig kan lopen; - 2. Muurtje of hekwerk (balkon, terras); - 3. Deel van een muur tussen vloer en onderzijde van een venster; - 4. Verhoging van de buitenmuren van een huis boven de zolderbalken waarop een muurplaat rust.. Mansarde met drie dakkapellenUit het dakvlak opgaand venster; meestal in hout en vaak onder spitse kap. tussen vleugelstukkenZijstuk, veelal in voluutvorm, van een topgevel, dakkapel of dakvenster.; centrale dakkapelUit het dakvlak opgaand venster; meestal in hout en vaak onder spitse kap. onder gebogen frontonDriehoekige of segmentvormige bekroning van een gevel of muuropening..
Op nr. 23 garage (1929) en venstersLicht- en/of luchtopening in een muur. op benedenverdieping vervangen door bow-windowErker (afk. Engels, van bow: buiging, en window: venster) die door haar gebogen vorm integrerend deel uitmaakt van de gevel en de achterliggende ruimte. (1936) n.o.v. arch. Raphaël Delville.
Benedenverdieping met schijnvoegenImitatievoeg in metsel - of pleisterwerk, aangebracht om regelmatige verdeling te bewerkstelligen of bijvoorbeeld natuurstenen parement (simili) te suggereren.. VenstersLicht- en/of luchtopening in een muur. onder entablementHoofdgestel of onderdeel ervan (vb. kroonlijst) als bekroning van muuropening; entablement vaak op consoles. in tweede bouwlaag; centraal vensterLicht- en/of luchtopening in een muur. met friesHorizontale band om een muurvlak in te delen of aan de bovenzijde te begrenzen; al dan niet beschilderd of versierd (terracotta, sgrafitto, cementtegels…). versierd met pilastersPlatte, weinig uitspringende muurpijler, vaak met basis en kapiteel. en gebogen frontonDriehoekige of segmentvormige bekroning van een gevel of muuropening. met bewerkt boogveldEen vlak omsloten door de binnenbegrenzing van een boog en de horizontale lijn die de aanzetten verbindt; meestal boven muuropeningen en soms versierd (beeldhouwwerk, blinde traceringen, cementtegels, …).. Centraal balkon met wangenStenen zijkanten van schouwmantel, balkonborstwering, of andere. en balustradeHekwerk van spijlen of balusters.; op nr.. 21 vervangen door ijzeren borstwering1. Verhoogd gedeelte van een vestingsmuur waarachter men veilig kan lopen; - 2. Muurtje of hekwerk (balkon, terras); - 3. Deel van een muur tussen vloer en onderzijde van een venster; - 4. Verhoging van de buitenmuren van een huis boven de zolderbalken waarop een muurplaat rust.. Mansarde met drie dakkapellenUit het dakvlak opgaand venster; meestal in hout en vaak onder spitse kap. tussen vleugelstukkenZijstuk, veelal in voluutvorm, van een topgevel, dakkapel of dakvenster.; centrale dakkapelUit het dakvlak opgaand venster; meestal in hout en vaak onder spitse kap. onder gebogen frontonDriehoekige of segmentvormige bekroning van een gevel of muuropening..
Op nr. 23 garage (1929) en venstersLicht- en/of luchtopening in een muur. op benedenverdieping vervangen door bow-windowErker (afk. Engels, van bow: buiging, en window: venster) die door haar gebogen vorm integrerend deel uitmaakt van de gevel en de achterliggende ruimte. (1936) n.o.v. arch. Raphaël Delville.
Archieven
GASG/DS 17, 19: 2917 (1875); 21: 6245 (1879); 23: 2916 (1875), 204 (1929), 190 (1936).
Afkortingen | Onderzoek en redactie : 1997-2004.

