Wipstraat naar Sterckxstraat (foto 2004).
Wipstraat
Van Parklaan naar kruispunt met Vorstsesteenweg, Willem Tellstraat en Gisbert Combazstraat. Doorkruist door Sterckxstraat en Fortstraat.
Volgens tracé van de Vettegracht, oude toegangsweg naar voormalige Joods kerkhof, ter hoogte waarvan nu deel van het ‘Institut des Filles de Marie' is gebouwd. Rechttrekking van tracé volgens rooilijnenplan van 10.05.1859.
Benaming – net als die van Schietbaanstraat – verwijst naar de wipschieting indertijd op de torenspits van de Sint-Gilliskerk. Dit gebruik werd in 1721 afgeschaft, maar de sport werd voortaan voortgezet op braakliggend terrein in de buurt van het ‘Fort Monterey', op de plaats van huidige Wipstraat.
Straat grotendeels bebouwd in XIX met opbrengsthuizen. Middengedeelte aan onpare kant ingenomen door gemeenteschool nr. 1 en 2 (arch. Edmond Quétin, zie Fortstraat nr. 80) en aan pare kant door opmerkelijk zwembad van ‘Victor Boin' in modernistischeInternationale stijl (vanaf ca. 1920) waarbij het functionele primeert op de vorm. Wordt gekenmerkt door een rationeel grondplan, eenvoudige geometrische vormen, platte daken en het gebruik van moderne materialen zoals gewapend beton. stijl (zie nr. 38-38a).
Niet geselecteerde nr.: 2: huis in eclectische stijl met polychroom parementGangbaar geveltype in België tussen 1890 en 1914, gekenmerkt door een speelse verwerking van kleurrijke materialen en tal van ornamenten; vaak gevels met een asymmetrische compositie., 1904; 3: huis van 1878, met brikettenBaksteenvormige tegel die op het reeds bestaande gevelvlak wordt aangebracht ter imitatie van een bakstenen gevel. bekleed en balkons gesloopt (1942); verhoogd en voorzien van winkelpui (1943); 4: huis in neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. stijl n.o.v. tekenaar F. Sloodts, aannemer Benoît Doolaeghe, 1903. Bewaarde winkelpui; 5: huis in eclectischeVeel voorkomende stijl (ca. 1850-1914) die inspiratie put uit verschillende architectuurstijlen uit het verleden. Komt door de combinatie van enerzijds verschillende stijlelementen en anderzijds nieuwe technieken en materialen tot een unieke eigentijdse creatie. stijl met bepleisterdeMuur of plafond bedekt met een laag mortel op basis van een mengsel van kalk, gips of cement en zand, met of zonder andere fijne toeslagmaterialen. gevel, 1904; 6-8: huis in neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. stijl met lichte knik n.o.v. arch. Grandmaison (volgens De Keyser G., 1996), 1904; 7: huis in neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. stijl, 1878; 10, 12: twee opbrengsthuizen met neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. inslag n.o.v. arch. Grandmaison, 1902; 13-15 en Forstraat 97: opbrengsthuis met neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. inslag, 1901; 17: huis met neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. inslag, 1901, verhoogd en voorzien van pui in modernistischeInternationale stijl (vanaf ca. 1920) waarbij het functionele primeert op de vorm. Wordt gekenmerkt door een rationeel grondplan, eenvoudige geometrische vormen, platte daken en het gebruik van moderne materialen zoals gewapend beton. stijl (1934); 18, 20: twee complexen met sociale woningen n.o.v. arch. Philippe Abel, i.o.v. de Sint-Gillishaard, 1998; 19: huis met neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. inslag, arch. Arthur Méan, 1902; 21: huis in neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. stijl, 1899; 40: huis in eclectische stijl met polychroom parementGangbaar geveltype in België tussen 1890 en 1914, gekenmerkt door een speelse verwerking van kleurrijke materialen en tal van ornamenten; vaak gevels met een asymmetrische compositie., 1898; 44: huis met neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. inslag, 1901.
Volgens tracé van de Vettegracht, oude toegangsweg naar voormalige Joods kerkhof, ter hoogte waarvan nu deel van het ‘Institut des Filles de Marie' is gebouwd. Rechttrekking van tracé volgens rooilijnenplan van 10.05.1859.
Benaming – net als die van Schietbaanstraat – verwijst naar de wipschieting indertijd op de torenspits van de Sint-Gilliskerk. Dit gebruik werd in 1721 afgeschaft, maar de sport werd voortaan voortgezet op braakliggend terrein in de buurt van het ‘Fort Monterey', op de plaats van huidige Wipstraat.
Straat grotendeels bebouwd in XIX met opbrengsthuizen. Middengedeelte aan onpare kant ingenomen door gemeenteschool nr. 1 en 2 (arch. Edmond Quétin, zie Fortstraat nr. 80) en aan pare kant door opmerkelijk zwembad van ‘Victor Boin' in modernistischeInternationale stijl (vanaf ca. 1920) waarbij het functionele primeert op de vorm. Wordt gekenmerkt door een rationeel grondplan, eenvoudige geometrische vormen, platte daken en het gebruik van moderne materialen zoals gewapend beton. stijl (zie nr. 38-38a).
Niet geselecteerde nr.: 2: huis in eclectische stijl met polychroom parementGangbaar geveltype in België tussen 1890 en 1914, gekenmerkt door een speelse verwerking van kleurrijke materialen en tal van ornamenten; vaak gevels met een asymmetrische compositie., 1904; 3: huis van 1878, met brikettenBaksteenvormige tegel die op het reeds bestaande gevelvlak wordt aangebracht ter imitatie van een bakstenen gevel. bekleed en balkons gesloopt (1942); verhoogd en voorzien van winkelpui (1943); 4: huis in neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. stijl n.o.v. tekenaar F. Sloodts, aannemer Benoît Doolaeghe, 1903. Bewaarde winkelpui; 5: huis in eclectischeVeel voorkomende stijl (ca. 1850-1914) die inspiratie put uit verschillende architectuurstijlen uit het verleden. Komt door de combinatie van enerzijds verschillende stijlelementen en anderzijds nieuwe technieken en materialen tot een unieke eigentijdse creatie. stijl met bepleisterdeMuur of plafond bedekt met een laag mortel op basis van een mengsel van kalk, gips of cement en zand, met of zonder andere fijne toeslagmaterialen. gevel, 1904; 6-8: huis in neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. stijl met lichte knik n.o.v. arch. Grandmaison (volgens De Keyser G., 1996), 1904; 7: huis in neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. stijl, 1878; 10, 12: twee opbrengsthuizen met neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. inslag n.o.v. arch. Grandmaison, 1902; 13-15 en Forstraat 97: opbrengsthuis met neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. inslag, 1901; 17: huis met neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. inslag, 1901, verhoogd en voorzien van pui in modernistischeInternationale stijl (vanaf ca. 1920) waarbij het functionele primeert op de vorm. Wordt gekenmerkt door een rationeel grondplan, eenvoudige geometrische vormen, platte daken en het gebruik van moderne materialen zoals gewapend beton. stijl (1934); 18, 20: twee complexen met sociale woningen n.o.v. arch. Philippe Abel, i.o.v. de Sint-Gillishaard, 1998; 19: huis met neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. inslag, arch. Arthur Méan, 1902; 21: huis in neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. stijl, 1899; 40: huis in eclectische stijl met polychroom parementGangbaar geveltype in België tussen 1890 en 1914, gekenmerkt door een speelse verwerking van kleurrijke materialen en tal van ornamenten; vaak gevels met een asymmetrische compositie., 1898; 44: huis met neoclassicistischeArchitectuurstroming (vanaf eind 18e eeuw tot ca. 1914) met voorliefde voor orde en symmetrie, gekenmerkt door bepleisterde en wit beschilderde lijstgevels die het stadsbeeld uniformiseren. Verhoudingen en vormentaal van deze stroming evolueren met de tijd. inslag, 1901.
Publicaties en studies
Brussel, breken, bouwen, Architectuur en stadsverfraaiing 1780-1914 (Tentoonstellingscatalogus), Gemeentekrediet van België, Brussel, 1979, p. 314.
DE SALLE, J., OLEFFE, A., Les sites remarquables du patrimoine social bruxellois, Cooparch-RU, Bruxelles, 2000, fiche 34.
Tijdschriften
Het tijdschrift van Dexia bank, 215, 2001, pp. 53-56.
Archieven van de niet geselecteerde nr.
GASG/DS 2: 14 (1904); 3: 5024 (1878), 99 (1942), 603, 1244 (1943); 4: 235 (1903); 5: 68 (1904); 6-8: 39 (1904); 7: 5020 (1878); 10, 12: 59 (1902); 13-15: 167 (1901); 17: 132 (1901), 5 (1934); 19: 23 (1902); 21: 1946 (1899); 40: 1457 (1898); 44: 194 (1901).
Brussel, breken, bouwen, Architectuur en stadsverfraaiing 1780-1914 (Tentoonstellingscatalogus), Gemeentekrediet van België, Brussel, 1979, p. 314.
DE SALLE, J., OLEFFE, A., Les sites remarquables du patrimoine social bruxellois, Cooparch-RU, Bruxelles, 2000, fiche 34.
Tijdschriften
Het tijdschrift van Dexia bank, 215, 2001, pp. 53-56.
Archieven van de niet geselecteerde nr.
GASG/DS 2: 14 (1904); 3: 5024 (1878), 99 (1942), 603, 1244 (1943); 4: 235 (1903); 5: 68 (1904); 6-8: 39 (1904); 7: 5020 (1878); 10, 12: 59 (1902); 13-15: 167 (1901); 17: 132 (1901), 5 (1934); 19: 23 (1902); 21: 1946 (1899); 40: 1457 (1898); 44: 194 (1901).
Afkortingen | Onderzoek en redactie : 1997-2004.
